Ronja baalde.
Niet een beetje, maar ontzettend.
Het balen had gewicht gekregen en lag haar nu zwaar op de maag.
En dus kon ze alleen nog maar liggen in de hangmat.
Het was zomervakantie.
Die duurt wel zes weken lang.
Dat klinkt groot en licht, maar zo voelde het helemaal niet.
Haar ouders konden geen vrij nemen.
Ze bleven waar ze altijd bleven.
Dus bleef Ronja ook.
Niet in een vliegtuig.
Niet op een strand.
Niet eens in een ander land.
Al haar vrienden waren weg.
Ze lagen ergens te luieren.
Op warme stranden.
Op witte ligbedden.
Op handdoeken die nooit nat werden,
omdat ze in enkele minuten droogden door de warme zon.
volgende bladzijde